De Fotografen

Resultaat

Resultaten 35 - 35 van 213

Edward Sheriff Curtis

Edward Curtis opende in 1896 een fotostudio in Seattle, Washington. Binnen enkele jaren begon Curtis Indianen te fotograferen. Vanaf 1901 documenteerde hij systematisch alle Noord-Amerikaanse volken die nog enigszins hun tradities hadden behouden. Curtis besefte dat wat er nog over was van het Indiaans cultuurgoed snel verloren zou gaan. Eén van zijn bekendste foto’s gaf hij dan ook de symbolische titel ‘The Vanishing Race’ (Het Verdwijnende Ras).
Met geld van zijn familie en inkomsten uit zijn fotostudio slaagde Curtis er in zijn reizen te betalen. Vanuit commerciële overwegingen werkte hij tot 1907 bij volken in het Zuidwesten en op de Plains, die het meest in de publieke belangstelling stonden. Na een ontmoeting met president Theodore Roosevelt bracht deze hem in contact met de rijke industrieel J. P. Morgan. Die vond Curtis’ werk zo belangrijk dat hij de kosten van publicatie op zich nam. Tussen 1907 en 1930 verscheen de twintig-delige reeks The North American Indian. The Vanishing Race was de eerste foto van de reeks. Elk deel bestond uit een met heliogravures geïllustreerd tekstboek, wat per volk informatie bevatte die Curtis zelf had verzameld. En bij elk deel verscheen een portfolio met 36 tot 40 grote heliogravures. Bovendien verkocht Curtis losse afdrukken uitgevoerd in kostbare procedés zoals platinadrukken, die gangbaar waren bij de toenmalige kunstfotografen (Pictorialisten) en orotones (goudgetoonde afdrukken op glas).
Curtis streefde een volledige etnografische documentatie na en deinsde er niet voor terug het traditionele leven te reconstrueren met attributen die in onbruik waren. Details die verwezen naar de hedendaagse situatie zoals westerse voorwerpen, werden buiten beeld gehouden of weggeretoucheerd. In dertig jaar bezocht Curtis 80 stammen en maakte hij ruim 40.000 opnamen, waarvan uiteindelijk 2228 werden gepubliceerd. Curtis begon in 1910 te filmen, wat in 1914 resulteerde in een film over de Kwakiutl.