De Fotografen

Fons Hellebrekers

In Rotterdam geboren als zoon van een vooraanstaande, katholieke distillateur begon Fons Hellebrekers op jeugdige leeftijd met een geleende Kodak boxcamera te fotograferen. Na twee jaar seminarie werkte hij enige tijd in het bedrijf van zijn vader en de tapijtfabriek van een oom. Maar het was vooral de kunst die hem trok. Daarmee kwam hij onder meer in aanraking via boek- en kunsthandel Langenhuijsen in den Haag.

Financieel gesteund door zijn vader opende Fons Hellebrekers in 1925 samen met een Belgische compagnon kunsthandel De Sirkel in Den Haag. Hoewel deze kunsthandel slechts twee en een half jaar bestond, kwamen er vele vriendschappen uit voort. Kunstenaars die Hellebrekers zo leerde kennen, waren onder anderen A.D. Copier, Joep Nicolaas, Permeke, Josef Cantré en Erich Wichman. Tot zijn schrijversvrienden behoorden Jan Campert, Victor van Vriesland en bovenal A. den Doolaard, met wie hij na gezamenlijke bergtochten in de Dauphiné in 1929 druiven ging plukken in Frankrijk. Den Doolaard beschreef hun avonturen deels in zijn bekende boek De Druivenplukkers (1931). Als een van de eerste Nederlanders beschikte Hellebrekers toen al over een Leica.

In 1930 besloot hij zich als zelfstandig fotograaf in Den Haag te vestigen. De eerste opdrachten waren afkomstig van reclamebureau Erwin Wasey. Mede door zijn eerste huwelijk met de weefster Betty Boet kwam hij in contact met architecten en interieurontwerpers als Jan Wils, Cor Alons en W.H. Gispen. Zijn foto's uit deze periode zijn duidelijk beïnvloed door de Nieuwe Fotografie. Landelijke bekendheid kreeg hij in 1934 door zijn foto's voor het boek Het heerlijk ambacht van uitgeverij G.F. Callenbach in Nijkerk. Naast reclamefoto's heeft Hellebrekers zijn leven lang portretten van kunstenaars en schrijvers gemaakt. Na de oorlog reproduceerde hij veel werk van kunstenaarsvrienden.

Een selectie uit het werk van Fons Hellebrekers

Bekijk alle foto's van deze fotograaf